In de tweede helft van de 18de eeuw ontstond in België een gespecialiseerde landbouwpers. Parallel met de uitbreiding van diverse landbouworganisaties en het ontstaan van een kennisnetwerk tussen wetenschap en landbouwer, groeide het aantal tijdschriften en kranten exponentieel.
De beschikbare informatie over de Belgische landbouwpers uit de voorbije twee eeuwen was echter lang zeer fragmentarisch.
Het ontbrak de onderzoeker en erfgoedzorger aan een overzichtelijke lijst van het materiaal in Belgische bibliotheken, archieven en documentatiecentra. In 2008 vatte CAG de taak aan om de Belgische landbouwpers te inventariseren.
De inventaris van de Belgische landbouwpers werd, na de algemene bibliografie van landbouwgeschiedenis en de gids voor landbouwarchieven, het derde onderdeel in de reeks hulpinstrumenten voor de landbouwhistoricus en erfgoedonderzoeker.
Het geïnventariseerde materiaal is bijzonder verscheiden: wetenschappelijke bladen, ledenmagazines, populaire tijdschriften, educatieve publicaties, bladen van de vrije landbouworganisaties, ministeriële uitgaven...
Zowat de hele rurale samenleving werd immers voorzien van een eigen krant of tijdschrift. Er waren uitgaven voor hobbyist en professional, voor land-, tuin- en bosbouwer, voor gespecialiseerde telers, voor beleidsmakers en wetenschappers, voor boerenjeugd en voor boerin.
Het repertorium kan de rol van de Belgische landbouwpers tussen 1750 en 2000 verduidelijken. Zo is nog maar weinig bekend over de betekenis van landbouwpers in relatie tot voorlichting, kennisoverdracht en onderwijs. Of wat was de invloed van politieke en opiniërende uitgaven van vrije landbouworganisaties in het landbouwersmilieu?
Het repertorium is sinds januari 2017 via de contextuele webdatabank ODIS publiek toegankelijk, en kan geraadpleegd worden via een handige zoekbox op deze website. Naast een identificatie en een lijst met bewaarplaatsen, wordt bij elke titel ook een korte inhoudsbeschrijving, karakterisering en historiek van het tijdschrift opgenomen.
Het project verliep in verschillende fasen. De prospectie in vele bibliotheken en de redactie van fiches per tijdschrift van zijn grotendeels het werk geweest van de historici Kristel Rosier en Krista Caïmo. De eindredactie werd gedaan door en Leen Van Molle en Yves Segers.
Voor meer informatie kan je contact opnemen met Bert Verheyden.