Volkstuintjes in Vlaanderen. Geschiedenis van een beweging

In de negentiende eeuw voelde de burgerij de hete adem van de revolutie in haar nek. De arbeidersklasse was misnoegd over haar leefomstandigheden. Zowel industriëlen als de Kerk hanteerden de volkstuintjes als een middel om de arbeiders aan zich te binden en hen uit de buurt van het socialisme te houden.

In Vlaanderen waren en zijn verschillende organisaties actief met de inrichting van volkstuinen. De belangrijkste daarvan is het in 1896 opgerichte Werk van den Akker. Dit verhaal is gebaseerd op teksten uit het project Het ABC van de volkstuin.

Door Annelies Cousserier en Roeland Hermans, 2007.

Foto volkstuin Gentbrugge, 1936, KADOC - KU Leuven.

Het Werk van den Akker en den Haard

De eerste en voornaamste bedoeling van volkstuintjes was dat de volkstuinder zichzelf van goedkope, gezonde voeding kon voorzien.

Internationale beweging

Volkstuinen zijn geen typisch Belgisch fenomeen. Een eerste aanzet tot een geïnstitutionaliseerde armenzorg via 'allotments' werd al in 1819 in Engeland gegeven.

Voor hem én voor haar. En voor de kinderen.

Zoals de andere vrouwen in de arbeidersklasse was ook de vrouw van de volkstuinder de spil van het huishouden en de behoedster van het welzijn van man en kinderen.

Aanvullend rantsoen

Of het nu een voetbalveld, een militair domein of het gazon in een stadspark was, volkstuinders namen tijdens beide wereldoorlogen alle beschikbare gronden in gebruik.

Keerpunt

In de jaren 1920 zette de organisatie de deuren open voor personen met een tuin aan huis. Na 1945 kalfde het ledenbestand geleidelijk maar drastisch af.

Waarheen met de volkstuintjes?

Vandaag noemt de organisatie Het Werk van den Akker zich De Vlaamse Volkstuin. Het aandeel van de leden met een tuin aan hun eigen huis is intussen goed voor meer dan 90% van het totale bestand.

Terug naar boven