Na de Tweede Wereldoorlog brak een tijd aan van overvloed op vele vlakken. Om te beginnen was er een overvloedige productie, zowel in de landbouw als in de voedingsindustrie. Steeds grotere multinationals zagen het licht. Die productie resulteerde in een overvloedig aanbod in supermarkten en andere gespecialiseerde voedingszaken.
Al die overvloed zorgde voor nieuwe problemen. Het voedingspatroon was dan wel rijkelijker en gevarieerder dan vroeger, maar werd ongezond om andere redenen: teveel vet, teveel suiker, teveel vlees en te weinig groenten en fruit. Echter niet alle producenten, distributeurs en consumenten zijn tevreden met de veranderingen sinds 1950. De laatste jaren wordt een steeds duidelijkere tegenbeweging zichtbaar: een pleidooi voor een andere aanpak vanuit verschillende overwegingen.
Door Greet Draye, 2015
De voedselproductie - zowel industrieel als agrarisch - werd na de Tweede Wereldoorlog steeds grootschaliger. De term ‘agrofoodbusiness’ vat de ontwikkelingen goed samen. Tegelijk werd de voedselproductie niet eerder zo nauwgezet gecontroleerd door nationale en Europese overheden.
De voedingsindustrie kwam na de Tweede Wereldoorlog voor nieuwe, grote uitdagingen te staan. De voedingsindustrie zocht antwoorden door samenwerking met de overheid, consumentenorganisaties, wetenschap, onderwijs en technologie. Aandacht voor voedselveiligheid bij productie en bewaring werd een leidraad.
Na de Tweede Wereldoorlog ontpopte de distributiesector zich tot een bijzonder sterke speler in de voedselketen. De grootste verandering hierin was de komst van supermarkten.
De uitzonderlijke economische groei tussen 1955 en 1973 heeft ervoor gezorgd dat de koopkracht sterk toenam.
Koken thuis of koken in een restaurant: ook daar vielen na de Tweede Wereldoorlog opmerkelijke veranderingen vast te stellen. Van exclusief vrouwelijk naar gedeeld terrein voor de thuiskeuken, en van zeer experimenteel naar puur in de restaurantkeuken.
De steeds snellere evoluties na de Tweede Wereldoorlog werden niet door alle producenten, distributeurs en consumenten gesmaakt en gedeeld. Aandacht voor het milieu, voor dierenwelzijn, voor eerlijke handel of voor gezondheid: het zijn allemaal redenen die mensen overtuigen om voor een andere aanpak te kiezen.