Deze tekening uit 1813 van Seraphin Vermote toont de grafelijke banmolens te Harelbeke.
De vroegst gekende vermelding ("in molendis apud Herlebecam") staan in een oorkonde van 1128. Daarin schenkt Clémence, gravin van Vlaanderen, aan de proosdij Sint-Amand te Kortrijk jaarlijks een mud graan afkomstig van de molens van Harelbeke. In 1198 stelde graaf Boudewijn XI van Vlaanderen een nieuwe verantwoordelijke aan voor de uitbating van zijn molens op de Leie. Ook het kapittel van de Sint-Salvatorskerk kreeg in komsten van de molens.
De Harelbeekse watermolens waren banmolens. Al wie binnen deze "ban" woonde, was verplicht er zijn graan te laten malen. Deze "ban" was een cirkelvormig gebied, waarvan de straal de zogenaamde banmijl was (ruim 5km). Vanaf de zeventiende eeuw zien we elders in Harelbeke windmolens opduiken, wat erop wijst dat deze ban niet meer gold of aangepast was. Aangezien Harelbeke een open stad was, zonder enige stadsmuur, werden de molens meerdere malen het slachtoffer van oorlogsgeweld. In de zeventiende en achttiende eeuw kregen de molens houten versterkingen en een wacht. De molens waren dan ook strategisch belangrijk: vooral de sluizen erbij bepaalden het verloop van de Leie.
Tot het begin van de negentiende eeuw hadden ze het uitzicht van traditionele watermolens met hun typische waterraderen. Naast het malen van graan, dienden ze ook voor het malen van schors (voor het leerlooien), het persen van olie en zelfs het vollen van stoffen. Vanaf ca. 1850 deed de industriële evolutie zijn intrede. De Leiearm werd overbrugd, zoals de sluitsteen met het jaartal ‘1849' nog steeds aanwijst. Het gebouw kreeg zijn huidig uitzicht met zes bouwlagen en 13 traveeën. In 1850 werd een eerste stoommachine geplaatst. De vierkanten schoorsteen die verbonden was met de machinekamer bestaat nog steeds. Dit houdt niet in dat de waterkracht verlaten werd. In 1880 werden de waterraderen vervangen door waterturbines.
Er bestaan plannen om opnieuw een turbine te plaatsen om milieuvriendelijke energie voor het gebouw op te wekken. De molens waren verschillende keren het slachtoffer van brand en kregen hun huidige uitzicht na een brand in 1886. Tussen de tweede wereldoorlogen was er een fabriek van zeeppoeder in gevestigd onder de naam ‘Ozonia'. Na de Tweede Wereldoorlog raakten de molens steeds meer in verval. In 1998 werden de molens samen met de omgeving beschermd. Lofting Group kocht de gebouwen op en renoveerde ze tot lofts. Naast de banmolens vind je tearoom de Banmolens. Op hun website staat ook heel wat informatie over dit monument.
| Objectnummer |
B00005565
|
| Objectnaam |
Tekening
|
| Titel |
Tekening banmolens Harelbeke
|
| Bewaarplaats |
Molenecho's (is bewaarinstelling van)
|
| Vervaardiger | |
| Datering |
1813 - 1813
|
| Periode |
1800-1825
|
| Gerelateerde plaats |
Harelbeke - 8530 (afgebeelde plaats)
|
| Online referentie | |
| Rechtenstatus |
![]() Voorwaarden voor hergebruik worden bepaald door de rechthebbenden. Gebruik het aanvraagformulier voor meer informatie. |
Prentkaart met vooraan zicht op de woning van de onderpastoor, en direct aanpalend de Gildenzaal in Liedekerke tijdens het begin van de 20ste eeuw. Beide bakstenen gebouwen werden gerealiseerd door Le..
Prentkaart met zicht op het Gemeenteplein van Liedekerke met de Sint-Niklaaskerk tijdens het begin van de twintigste eeuw. Vooraan ligt een kasseien plein. Hier staat een herdenkingsmonument dat met e..
Op deze prentkaart is het Kasteel van M. Calmeyn gelegen te Drogenbos circa 1909 te zien. Dit kasteel wordt ook wel Kasteel Rey genoemd. Een zandweg loopt eerst richting het kasteel om dan met een bo..